Op een groot terrein langs de spoorweg Brussel-Dendermonde staan nog een oude clochette, een verwaarloosde boomgaard en loopt er een beekje. Het masterplan organiseert de bebouwing aan de rand als hekkesluiter van het heterogene bouwblok. In het binnengebeid wordt de aanwezige logica van losse flodders doorgetrokken en gestructureerd. Deze twee morfologisch verschillende figuren plooien rond de bestaande ruimtelijke karakteristieke elementen. Eerder dan een complete tabula rasa- gebruikelijk bij dergelijke grootschalige projecten- opteren we voor een adequate en gepaste aanpak. De verschillende woonmilieus worden bijkomend genuanceerd door een integrale aanpak van de buitenomgeving.